Hugo Monsieur, 50 stukken bij Sterlicht

Hugo Monsieur stond in 1986 voor het eerst op het podium bij Sterlicht. Intussen heeft hij in meer dan 50 stukken gespeeld of ze geregisseerd. Enkele Sterlichters blikten na afgelopen toneelweekend (April 2026) samen met hem terug op al die jaren. Het resultaat lees je hieronder.

Wij willen Hugo van harte bedanken voor al die jaren inzet, op en naast het podium!

Hugo, jij bent waarschijnlijk de eerste die bij Sterlicht in vijftig stukken gespeeld of geregisseerd heeft?
Ja, dat denk ik wel. Maar de Fons, de Frans en de Willy hebben zeker aan meer dan zestig stukken meegewerkt. Alleen waren dat decorbouwers en belichters, die hebben nooit op het podium gestaan. Op dat vlak ben ik wel de eerste, denk ik.

Hoe ben je bij Sterlicht terechtgekomen?
Twee jaar nadat we getrouwd waren, zijn we in Wuustwezel komen wonen. Onze kinderen gingen naar Caroline, hun onthaalmoeder. Haar man, Louis Anthonissen, vroeg op een gegeven moment: “Kan jij eens een rolletje bij ons komen spelen? We hebben iemand te kort.” Ik had toen al voor de school gespeeld en ook bij andere groepen. Dus zei ik ja, en zo ben ik bij Sterlicht begonnen.

Wat was je eerste stuk?
Dat was ‘Drie is teveel’, in 1986. Ik speelde Michel Link, een aspirant-directeur, maar wat dat inhield weet ik eerlijk gezegd niet meer. Van mijn tweede stuk weet ik het nog goed: ‘De gebroeders Kalkoen’. Ik was één van de twee kalkoenen. [Lacht]
Toen speelden we nog één stuk per jaar, later werden dat er twee. Anders was ik nooit aan mijn vijftig stukken geraakt.

Was je gezin altijd even blij met je toneelhobby?
De kinderen kwamen geregeld eens kijken en dat vonden ze plezant. Ons An heeft zelf ook stukken geregisseerd en gespeeld, ons Miek heeft een rolletje gespeeld bij Sterlicht en onze Stijn speelt bijna elk jaar in een musical. En Mai kwam soms twee of meer keren kijken en heeft ook dikwijls meegeholpen.

Heb je al eens een complete black-out gehad tijdens een voorstelling?
Ja, dat heb ik al gehad, en dan hoor ik ook niks van de souffleur. Daarom ken ik mijn rol pas als ik ze kan opzeggen zonder dat iemand anders tussenkomt. Als onze kinderen vroeger op zondagavond naar hun kot gingen, bracht ik ze weg en dan oefenden we onderweg. Ons Miek gaf dan de replieken van de andere spelers en ik antwoordde met mijn tekst.
Maar ik heb al veel mensen geweten die hun rol glad van buiten kenden en er toch in zaten. De eerste keer dat ik het meemaakte, was bij Guillaume Roelands, een heel gedreven speler. Ineens wist hij niks meer en stond hij daar als een standbeeld. Dat is frustrerend, maar de mensen die komen kijken weten dat we geen beroeps zijn.

Ben je nu nog altijd zenuwachtig om voor publiek te spelen?
Mijn zenuwen gaan meestal over als ik op het podium sta, maar op voorhand ben ik nog wel zenuwachtig. Ik kan niet tussendoor over koetjes en kalfjes babbelen en dan ineens op de scène moeten, dat lukt mij niet. Gisteren zaten er bijvoorbeeld spelers naar de koers te kijken. Daar heb ik helemaal niks tegen, maar ik zou het zelf absoluut niet kunnen!

Wat is het gekste kostuum dat je ooit gedragen hebt?
Een patattenzak. Eigenlijk heb ik die niet eens gedragen, ik had hem gewoon vast, want ik had niks aan. [Lacht]
Ik moest me aankleden na een douche. Het publiek zag mijn handen de kleren ophangen, maar mij zagen ze niet. Dan komt er iemand die mijn kleren wegpakt. Als ik moet opkomen, zijn mijn kleren weg. Dus ik pak een patattenzak, hou die voor mij en kom op. Iets verder liggen nonnenkleren. Ik sta daar met die patattenzak naar het publiek te kijken en die beginnen natuurlijk te lachen. Dan draai ik met mijn ogen naar die nonnenkleren en ze lachen nog harder. [Lacht]

Waarom ben je ook beginnen regisseren?
Stan Paelinckx heeft ik weet niet hoeveel keer geregisseerd. Toen hij stopte, moesten we verder. Dus heb ik gezegd: “Ik zal dan maar eens een stuk regisseren, hé.” Het was een beetje uit noodzaak, maar het is goed meegevallen. En ik vond het heel plezant. Je moet dan niet één rol in je hoofd hebben, maar allemaal. En je kunt de spelers iets bijleren of iets in zichzelf laten ontdekken. Trucjes kun je aanleren, maar je kunt ook iets naar boven halen dat uit henzelf komt.

Wat doe je het liefst, spelen of regisseren?
Dat is eigenlijk een moeilijke vraag. Ik doe ze allebei graag, maar het is anders. Als ik niet regisseer, volg ik de regisseur, want met twee regisseurs gaat het niet. De ene zegt het zo, de andere anders, en waar kom je dan uit?
Maar als je speelt, wordt een rol van jou. Als je regisseert, wordt een heel stuk van jou.

Welke rol vond je zelf de plezantste?
‘De gebroeders Kalkoen’ vond ik heel plezant. En voor ‘Per Ongeluk’ heb ik mijn baard laten staan. Dat was een prachtige rol. De hele tijd knip, knip, knip met de vingers, want Kris speelde mijn compagnon en die was blind. Daarmee hebben we zelfs een toneelprijs gewonnen.
Maar eigenlijk is het zo: de interessantste rol is de rol die nog moet komen. Een flik heb ik al gespeeld, de minnaar ook. Tot nu toe is er nog geen enkele rol geweest waarin ik me verveeld heb.

En aan welk stuk heb je de mooiste herinneringen?
‘De Soldaat Facteur’, ook al heb ik daar zelf niet in gespeeld. Het was 100 jaar Eerste Wereldoorlog en de gemeente ging een stuk dodendraad maken aan de Klot. Of wij daar niks bij konden doen? Ik zei: “Ik ken een stuk over de Eerste Wereldoorlog, met maar twee personen. Dat kunnen we met Sterlicht proberen.”
Kris en Evy gingen het spelen, maar toen bleek dat het niet opgevoerd mocht worden. De auteur, Arne Sierens, had het voorbehouden voor één groep. Dat wist ik natuurlijk niet! Ik heb hem een brief geschreven en hij heeft toestemming gegeven. Hij heeft er natuurlijk ook iets voor ontvangen. [Lacht]
Ons An heeft het geregisseerd en ik heb muziek en beelden gezocht. Ik heb er heel veel plezier aan beleefd.

Wat is volgens jou het belangrijkste in toneel?
Je moet het niet alleen kunnen, je moet het ook durven. Als je kwaad moet zijn op het toneel, moet je kwaad zijn. Speel maar eens Markske, die de ene onnozele streek na de andere uithaalt. Toneel is durven spelen.
En het rare is: kleine mannen durven dat allemaal. Jongens spelen een meisje zonder problemen. En op een gegeven moment is dat weg.

Vroeger werden er onder de spelers nogal eens grappen uitgehaald. Ben jij daar ook al eens het slachtoffer van geweest?
Ja. In een stuk over sport moest ik mijn sportkleren gaan aandoen en dan rondjes rijden op een koersfiets. Het was winter. Mijn sportkleren lagen er, maar mijn schoenen waren weg. Dus mijn bottinnen aangedaan. Ik kom op, ik pak die fiets en ze hadden het zadel omgedraaid! Dus heb ik mogen rijden op een omgekeerd zadel, met bottinnen aan. Dat was toen wel even paniek! [Lacht]
Een andere keer speelden we een boerenfamilie die rijstpap at. Op een avond proef je ineens zout in plaats van suiker. En wij maar doen alsof het heel lekker was, en maar scheppen. Ik denk dat ze dat gedaan hebben om ons meer te laten drinken. [Lacht]

Speel je liever een klucht of iets dramatischer?
Eigenlijk maakt dat niet uit. In de beginjaren speelden we heel serieuze stukken, zoals ‘Het gezin Van Paemel’. De laatste tijd zijn het vooral kluchten en blijspelen, en dat doe ik heel graag. Maar als Sterlicht ooit zegt dat we eens iets helemaal anders gaan doen, zie ik dat wel zitten.

Is er een stuk dat je nog heel graag eens zou willen spelen?
Ik zou heel graag eens ‘Amadeus’ doen, samen met de muziekschool. Er zitten stukken in die door een orkest gespeeld worden en er komt een koor in voor. Meestal wordt dat met een cd opgelost, maar met de muziekschool zou dat live kunnen. Ik zou heel graag Salieri spelen. Dat was de gevestigde componist in Wenen, maar hij kon niet op tegen het talent van Mozart.

Heb je nog een goede raad voor mensen die graag eens zouden meespelen, maar nog twijfelen?
Kom naar Sterlicht en begin met een klein rolletje. Vind je het plezant, doe dan nog een klein rolletje of een groter, en dan kom je er wel in. Je moet durven spelen dat je iemand anders bent. Ooit moet je de eerste keer op dat podium komen.

Dus je raadt het iedereen aan om zich erin te gooien?
Ja, zeker!

Bedankt Hugo!

Geef een reactie